Het tijdschrift Volkskunde werd opgericht in 1888. In de loop van haar lange geschiedenis is het tijdschrift zich steeds blijven aanpassen aan de tijdgeest. In 2012 achtten de makers van de uitgave de tijd opnieuw rijp om een nieuwe koers te kiezen. Volkskunde krijgt daarom niet alleen een nieuwe cover en nieuwe rubrieken, er werd ook een nieuwe Vlaams-Nederlandse redactie aangesteld.
De redactie wil van Volkskunde een interdisciplinair platform maken voor onderzoek, reflectie en debat over de cultuur van het dagelijks leven en het daarmee verbonden erfgoed. Volkskunde zal daarom bijdragen aanbieden over de cultuur van het dagelijks leven in heden en verleden in Vlaanderen en in Nederland, over immaterieel en materieel erfgoed en over erfgoedbeleid en cultuurpolitiek, telkens met oog voor het internationaal wetenschappelijk debat.
Het eerste nummer van het vernieuwde Volkskunde, tijdschrift over de cultuur van het dagelijks leven, is op 9 mei gepresenteerd in het MAS in Antwerpen. Meer informatie www.volkskunde.be.
Doe mee en maak kans op € 5.000 euro of € 20.000!
Overijssel is rijk aan verhalen. Ze gaan over historische gebeurtenissen, over bijzondere personen, mysterieuze plekken of opmerkelijke gewoonten. Sommige verhalen zijn nog bekend, andere zijn weggezakt in de vergetelheid. Maar alle verhalen zeiden ooit iets over de lokale identiteit en over de mensen die zich door deze verhalen met elkaar verbonden voelden. Verhalen spreken nog steeds tot de verbeelding. Daarom dagen wij iedereen in Overijssel uit om zijn of haar woonplaats een volksverhaal te geven!
Dat kan een geactualiseerd oud verhaal zijn of een geheel nieuw verhaal. Als het maar een verhaal is dat de lokale identiteit van de gemeente weerspiegelt, zodat mensen het zich eigen kunnen maken. De verhalen mogen in het Nederlands of in de streektaal geschreven worden. Daarnaast vragen wij de deelnemers om een product te bedenken om het verhaal een gezicht te geven. Dat kan door bijvoorbeeld een plaatselijke lekkernij te bedenken, een verhalenroute te maken, een kunstwerk te ontwerpen of iets anders spannends dat tot de verbeelding spreekt. Het plan moet uitvoerbaar zijn.
Er zijn twee prijzen te verdienen: een publieksprijs van € 5.000 en een prijs van € 20.000 die wordt toegekend door een vakjury. Het prijzengeld is bedoeld om het product bij het verhaal te realiseren.
Iedereen kan deelnemen. De verhalen en plannen kunnen hier ingediend worden. De uiterste inzendingdatum is 20 mei 2012. Alle inzendingen komen op de website www.jijenoverijssel.nl te staan, want tussen 20 en 30 mei 2012 kan iedereen stemmen op zijn of haar favoriete verhaal en product. De prijsuitreiking is op 1 juni 2012 in de gemeente Twenterand. De mooiste verhalen worden gebundeld in een geïllustreerd boek.
Het project Geef je gemeente een eigen volksverhaal! wordt in het kader van het Jaar van het Immaterieel Erfgoed uitgevoerd door het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed met hulp van de Stichting Vertelcultuur. Het project is mogelijk gemaakt door de Provincie Overijssel.
Download hieronder de folder en het instructieboekje.
| Omschrijving | Grootte | Download | |
| volksverhalen folder | 3.4 MB | Download > | |
| volksverhalen instructieboekje | 2.7 MB | Download > | |
| volksverhalen | 3.2 MB | Download > |
‘Immaterieel Erfgoed. Kansen en mogelijkheden voor beleid’: dat was de titel van de conferentie die het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) en Fonds voor Cultuurparticipatie (FCP) op 15, 16 en 17 februari 2012 in Deurne organiseerden. De conferentie werd bezocht door meer dan 150 deelnemers en er waren sprekers uit de Verenigde Staten, Vlaanderen, Estland, Schotland en Engeland. Uit Parijs was de chef van de immaterieel erfgoedsectie van UNESCO, mevrouw Cécile Duvelle, gekomen.
Nederlandse inventaris
De meerdaagse conferentie markeerde het nieuwe Nederlandse Immaterieel Erfgoedbeleid. Volgens staatssecretaris voor cultuur Halbe Zijlstra, die het congres opende, leeft immaterieel erfgoed enorm, waarbij hij verwees naar populaire volksfeesten als het Carnaval in het zuiden en de Elfstedentocht in zijn eigen provincie Friesland. Zijlstra vertelde dat de goedkeuringswet om de UNESCO conventie te ratificeren, eind vorig jaar door de Rijksministerraad aangenomen, vorige week de Raad van State is gepasseerd en nu voor drie maanden ter inzage ligt in de Tweede Kamer.
Immaterieel erfgoed gaat veel mensen na aan het hart en in de Nederlandse samenleving zijn er vele groepen en gemeenschappen die zich ervoor inzetten om het te behouden voor de toekomst. Dit sluit aan bij de geest van het UNESCO verdrag, waarin met zoveel woorden wordt gezegd dat het de gemeenschappen zelf zijn die het moeten doen. Voor de overheid is er slechts een faciliterende rol. Met de aanstaande ratificatie verplicht de Nederlandse overheid zich het immaterieel erfgoed in Nederland in kaart te brengen, dat wil zeggen dat het geïdentificeerd en gedocumenteerd moet worden. In de aanloop naar de Nederlandse ratificatie heeft het ministerie van OCW alvast opdracht gegeven aan het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE) om samen met het Fonds voor Cultuurparticipatie (FCP), het Nederlands Openluchtmuseum (NOM) en het Meertens Instituut (MI) een Plan van Aanpak te ontwikkelen. Ook heeft de staatssecretaris het VIE opdracht gegeven om samen met het NOM een nieuw topinstituut voor immaterieel erfgoed te vormen, dat in Nederland zorg kan dragen voor de implementatie van de immaterieel erfgoed conventie.
Lessen uit het buitenland
Het Nederlands immaterieel erfgoedbeleid staat nog slechts aan het begin. Des te meer reden voor VIE en FCP om deze internationale conferentie te organiseren om zo te kunnen leren van voorbeelden uit het buitenland. James Counts Early, de directeur van het Smithsonian Center for Folklife, vertelde bijvoorbeeld hoe zijn instelling daarbij te werk gaat in de Verenigde Staten. Zijn centrum organiseert jaarlijks het Folklife Festival, organiseert tentoonstellingen, brengt educatieve handleidingen uit en doet aan ‘capacity building’ van de plaatselijke gemeenschappen, die ook voor hem centraal staan. Hij bepleitte een vorm van ‘cultural democracy’ met een centrale rol voor de mensen zelf (‘No folklore without the folk’).
Inventariseren en zichtbaar maken is vervolgens één van de belangrijke taken die uit de UNESCO conventie voortvloeien. Dat daarbij ook de nieuwe sociale media een belangrijke rol kunnen spelen, bleek uit de interactieve website die Alison en Alistair McCleery hebben ontwikkeld in opdracht van de Schotse regering. Ook zij benadrukten dat een benadering van onderop cruciaal is, al signaleerde ze het probleem van mogelijk controversiële vormen van immaterieel erfgoed. Voetbalcultuur is bijvoorbeeld erg interessant, maar dat hoeft er niet toe te leiden dat sommige racistische voetballiederen van supporters een plaats krijgen op de lijst, in Schotland worden ze in ieder geval geweerd van de website. Het was ook een dilemma van Engelsman Francois Matarasso, die zich als katholiek soms ongemakkelijk voelt bij de Engelse traditie van Guy Fawkes, de jaarlijkse symbolische verbranding van een pop van stro van de zeventiende-eewse katholieke Guy Fawkes die in 1605 een moordaanslag zou hebben willen plegen op de Engelse koning Jacobus. Matarasso vroeg echter met name aandacht voor de belangrijke kwestie van de safeguarding, waarbij hij benadrukte dat in het woord erfgoed mogelijk ogenschijnlijk teveel een benadering naar het verleden ligt opgesloten, maar dat safeguarding wat hem betreft toch vooral toekomstgericht moet zijn en dat levende immaterieel cultuur zich steeds moet evolueren om ook voor toekomstige generaties van betekenis te blijven.
Graffiti
Bij immaterieel erfgoed wordt door velen nog steeds vooral gedacht aan de traditionele streekcultuur ‘van vroeger’, de cultuur die wij van huis uit hebben meegekregen. Op de afsluitende excursiedag werd de mogelijkheid verkend in hoeverre ook vormen van moderne stedelijke jongerencultuur een plek zouden verdienen op de UNESCO lijst. Gekozen was voor een excursie naar Eindhoven, dat zich graag afficheert als de graffiti hoofdstad van Nederland. Zou je graffiti ook kunnen zien als een vorm van immaterieel erfgoed, waardoor je ook handreikingen kunt bieden aan jongeren zodat die zich ook kunnen identificeren met de UNESCO lijst van het immaterieel erfgoed? De excursie was georganiseerd in samenwerking met Dynamo, het jongerencentrum in Eindhoven. De discussie was enorm geanimeerd en er bleken onverwachtse parallellen te trekken met meer traditioneel geachte vormen van immaterieel erfgoed, waarbij onder andere de vergelijking werd gemaakt met de Hindelooper schilderkunst. Niet alleen worden beide vormen van cultuur gedragen door een gemeenschap (in de graffiti wereld een ‘scene’ genoemd) voor wie de cultuurvorm wezenlijk bijdraagt aan de eigen groepsidentiteit. In beide cultuurvormen is ook het doorgeven van skills of vaardigheden van het grootste belang, waarbij jonge talenten vooral naar oudere meesters kijken om van hen het vak te leren. Met een simpele cursus op internet ben je er niet, je moet het vak in de praktijk leren. Het maakte eens te meer duidelijk dat immaterieel erfgoedbeleid altijd toekomstgericht moet zijn.
Een verslag van de conferentie is opgenomen in het tijdschrift Immaterieel Erfgoed nummer 2, 2012.
Kijk ook op http://youtu.be/wk7npTAU_bw en
http://www.youtube.com/watch?v=hocuih8aFFo&feature=relmfu
| Omschrijving | Grootte | Download | |
| staatssecretaris halbe zijlstra 15-2-2012 | 62.8 KB | Download > |
Kuiven en artistiekelingen gaat over de jongerencultuur en kleding in de jaren vijftig. De kuif betreft slechts één van de voorbeelden van jongerencultuur die in deze publicatie de revue passeren. Ook rattenkopjes en naaldhakken, bebop en houtje-touwtje en buikschuivers en petticoats worden allemaal aan u voorgesteld. We willen er mee laten zien dat volkscultuur iets is, waar ook jongeren zich mee identificeren. We spitsen ons daarbij toe op kleding en kleedgedrag van deze jongeren.
Deze publicatie is gemaakt om begeleiders en artistiek leiders van folklore- en levende geschiedenisgroepen en andere geïnteresseerden te helpen om de cultuur van de jaren vijftig te vertalen in muziek, dans, kleding en theater. Om concreet aan de slag te gaan is een appendix opgenomen van literatuur en adressen. Op deze manier hopen wij dat het voor iedereen mogelijk is om een tijdsbeeld dat voor velen nog tot de verbeelding spreekt tot leven te brengen.
Bij Kuiven en artistiekelingen hoort een handleiding om op een eenvoudige wijze zelf een jaren vijftig outfit te maken. Aan de hand van stapsgewijze uitleg kan een basispatroon voor een eenvoudige jaren vijftig jurk gemaakt worden. Ook staan er voorbeelden in van jurken die met behulp van dit basispatroon getekend kunnen worden. Voor een herenkostuum staan er tips in over hoe een tweedehands kostuum met een paar simpele aanpassingen in een pak met een jaren vijftig silhouet veranderd kan worden.
Beide boekjes zijn gratis hieronder te downloaden.
| Omschrijving | Grootte | Download | |
| jaren vijftig | 3.6 MB | Download > | |
| jaren vijftig patronen | 1.2 MB | Download > |
Vrijwilligers zijn voor veel organisaties onmisbaar. Ondanks hun belangeloze inzet kost het toch veel geld om vrijwilligers te werven en te ondersteunen. Het opzetten van een goed vrijwilligersnetwerk, kennis verspreiden, communicatie en administratie komen vaak in de knel door geldgebrek. Dat terwijl het juist vaak de inzet en de betrokkenheid van de vrijwilligers zijn die zorgen voor kennisoverdracht en bekendheid bij het publiek.
Stichtingen en verenigingen op het gebied van volkscultuur en immaterieel erfgoed kunnen voor deze kosten een beroep doen op een nieuwe regeling, de Vrijwilligersregeling. De Mondriaan Stichting en het Fonds voor Cultuurparticipatie willen hen op deze manier ondersteunen.
Om de eenmalige subsidie, met een maximum van 5000 euro, aan te vragen kunnen de organisaties terecht bij www.mondriaanfoundation.nl en www.cultuurparticipatie.nl. Daar is meer informatie te vinden en zijn ook de aanvraagformulieren te downloaden. De uiterste aanvraagdata voor 2012 zijn 1 juli en 1 november.
Mochten er mensen twijfelen of hun organisatie een aanvraag mag indienen dan kunnen zij contact opnemen met Femie Willems (f.willems@cultuurparticipatie.nl).
Voor de Vrijwilligersregeling is jaarlijks 100.000 euro beschikbaar. Naar verwachting zullen er tussen de twintig en dertig aanvragen per jaar worden gehonoreerd.
| Omschrijving | Grootte | Download | |
| subsidie volkscultuur en immaterieel erfgoed | 48.7 KB | Download > |

In dit boek vertellen bekende Nederlanders over de rol die volkscultuur en tradities spelen in hun leven. Zij doen dat aan de hand van de top 100 van belangrijke tradities die het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed op basis van een publieksonderzoek heeft samengesteld. Daarnaast is aan mensen, die nog niet zo lang in Nederland wonen, gevraagd aan welke tradities uit hun moederland zij dierbare herinneringen hebben. Dit geeft een inspirerend beeld van de tradities die in Nederland betekenis hebben.
Tradities zijn een belangrijk onderdeel van de culturele bagage, de volkscultuur, van een samenleving. Zij dragen bij aan het gevoel ergens thuis te horen. Het je bewust zijn van de volkscultuur die je van huis uit hebt meegekregen en deze delen met anderen is het doel van het boek Sinterklaas op de schaats, samenspraak over volkscultuur en tradities. Het is één van de vele initiatieven die in het kader van het Jaar van de Tradities 2009 hebben plaats gevonden.
De bundel leert ons dat tradities een rol spelen in ieders leven en dat zij bijdragen aan de sociale cohesie in een samenleving. Daarom zijn ze het waard om bij stil te staan.
| Omschrijving | Grootte | Download | |
| sinterklaas op de schaats | 2.0 MB | Download > |